Perron Onrust. Hoe voorkom je dat we elkaar omver lopen?

Op onze site willen we niet alleen schrijven over constructieve journalistiek, maar het ook in de praktijk brengen.

Daarom vraagt stagiaire Rosalie Griffioen zich af in deze column: Hoe voorkom je kleine en grote ongelukken op het treinperron?

Het is vrijdag, bijna kwart over zeven ‘s avonds. Ik sta op de roltrap naar het perron. Als ik boven kom, zie ik de trein net aankomen; met piepende remmen komt hij tot stilstand. Ik kijk naar rechts, dan naar links. Waar kan ik het beste instappen?

Dan zie ik uit mijn ooghoek een man staan. Hij kijkt wat wazig uit zijn ogen en heeft een stok vast. Achteraf bedenk ik me dat hij misschien blind is. Hij heeft een broodje in zijn hand.

Mijn ogen gaan weer naar de trein. De deuren gaan open en een drom mensen komt naar buiten stormen. Ik kijk weer naar de man. Hij staat iets te ver naar voren; een beetje in de weg zelfs. Maar hij heeft niks door, waarschijnlijk omdat hij het niet ziet.

De botsing
Een groep gehaaste jongeren stormt langs hem heen, duwen hem opzij. Hij valt bijna om, maar houdt zich nog net staande. Zijn broodje wordt uit zijn handen geworpen. Pats, op de grond. De man lijkt niet te beseffen wat er is gebeurd en tast aarzelend om zich heen. Dan gooit hij de kruimels van het broodje dat hij net nog in zijn hand had, op de grond. Daarna stapt hij de trein in.

Ik blijf wat beduusd kijken. Bedenk me wat er net is gebeurd. Had ik iets moeten doen?

Ten slotte stap ook ik maar in de trein. Die is inmiddels overvol. Met moeite vind ik een plekje. Daar borrelen allerlei vragen op. Waar zou die man nu zitten? Zou hij snappen wat er net is gebeurd?

Schuldgevoel
Natuurlijk gebeurt zoiets wel vaker. Mensen hebben haast, kijken niet uit en lopen elkaar omver. Maar hebben ze dan echt geen oog voor elkaar? Of voor iemand met een stok? En waarom heb ik die jongens niet aangesproken? Niet geschreeuwd van: kijk eens uit!

Maar nee, het ging te snel. Of misschien wil ik dat alleen maar denken, om me niet zo schuldig te voelen. Want wat kan ik er nou in mijn eentje aan doen? Hoe zorg je ervoor dat mensen elkaar weer zien staan op het perron? Niet alleen bezig zijn met hun eigen reis of smartphone. Hoe delete je die drukte?

Oplossingen?
Misschien is dat experiment van de NS wel iets; om de tien minuten een trein laten gaan. Dat is dan wel niet de bedoeling van dit plan, maar toch… zou het helpen? Als ze dat op meerdere trajecten zouden doen? Dat scheelt toch wel tijd en zorgt dat niet voor meer ruimte?

Of zijn er een soort verkeersleiders nodig?  Van die klaar-overs, die aan het begin van het schooljaar altijd als paddenstoelen uit de grond lijken te schieten? Dat zij bij de deur staan en reizigers de trein uit helpen. Zodat opa ook veilig door de mensenmassa komt. Het perron vrijmaken of net als in Zwitserland een streep voor de treinrails trekken.  Maar die er ook voor zorgen dat de blinde man veilig staat. Ergens waar hij kan wachten totdat de meute voorbij is en rustig naar binnen kan, zonder omver te worden gelopen.

We zijn er bijna..
Zo pieker ik in mijn treincoupé een tijdje voort over dit soms zo onzichtbare probleem. Intussen zijn we al vier stations gepasseerd.

Ik kijk op de stationsklok, het is kwart voor acht. Ik zucht en sluit mijn ogen een paar seconden. Ik denk even aan iets anders.

Langzaam keert de stilte terug. Maar niet voor lang. Een bulderende stem schalt door de intercom. De onrust is er meteen weer.: Dames en heren een hele goed avond, u bevindt zich in de intercity naar Roosendaal!

Ja, ook in de trein word je geen rust gegund.

Zie ik ideeën over het hoofd? Zijn er beloftevolle experimenten om de lieve vrede op perrons te helpen bewaren? Of ken je landen, waar men er beter in slaagt de drukte in de spits te reguleren? Stuur je reactie naar rosaliegriffioen@hotmail.com                                     

FacebookTwitterLinkedInEmail